Ontvang twee keer per maand een nieuwsbrief

Foto van hierboven komt uit het Nationaal Archief. Fotograaf: Willem van den Poll.

Voor de schrijfwedstrijd van De Idioot (a.k.a. Floris Leest op Youtube) heb ik dit korte verhaal geschreven. Het thema van de wedstrijd was ‘Meta’ en het woordlimit was 500 woorden. Ik hoop dat jullie het leuk vinden!

Het geluid van de passante gesprekken versterkte en vervaagde binnen een fractie van een seconde. Het was alsof Josalien naast een drukke autoweg zat, dezelfde ervaring van stereo geluiden doorstond ze nu. In werkelijkheid zat Jossalien in de gang van haar universiteit, voor het kantoor van haar professor. Ze hield haar handen krampachtig tussen haar benen geklemd. Wanneer de deur open zou gaan, zou ze naar binnen mogen om haar beoordeling op te halen. 

Twee slungelige medestudenten passeerden haar in stereo. ‘Ik snap er geen kloten van. Het voldeed aan alle eisen die hij in het college behandeld had.’

‘Ja, plus het was Geerten… Hij kan nooit iets verkeerd doen bij de professor.’

‘Precies, precies. Waarschijnlijk was de professor gewoon jaloers op zijn stuk.’

‘Eerlijk? Ik wou dat ik zoiets kon schrijven.’

Het gesprek verstomde naarmate de jongens verderop raakten. Nu kwamen er van links twee secretaresses van middelbare leeftijd aanlopen en in het rechtse deel van haar blikveld verscheen Johan, een in zichzelf gekeerde jongen die tijdens colleges vaak achteraan zat.

Johan hield de microfoon van mijn oordopjes bij zijn mond, terwijl hij een spraakopname voor zichzelf opnam: ‘M’n essay over het gefingeerde Vlaamse banket beignet kreeg een 3.6. WTF. Ik kan wel huilen. Enne..,’ hij snifte even aan zijn shirt, ‘voortaan de was eerder uit de wasmachine halen. M’n shirt ruikt tering muf.’

Johan was gepasseerd en het gesprek van de twee secretaresses nam nu in volume toe. Josalien rook even vluchtig aan haar eigen shirt. Ze wist niet echt waarom ze dat deed, ze verzorgde haar kleding eigenlijk altijd wel goed.

‘Hij heeft ook al een tijdje geef koffie meer gehaald. Dan is er toch iets niet helemaal koosjer.’

‘Ach ja, Ria. September 1987, toen zat hij er ook zo bij, weet je nog?’

‘Poh, klopt, inderdaad. Dan hebben de studenten het wel echt goed verzaakt deze keer.’ 

Toen de twee vrouwen de deur van de professor naderden, dempten ze beiden vlug hun stemmen. Ze hieven hun kin ophoog om even vluchtig een blik door het raampje naast de deur te werpen. De luxaflex was echter stevig dicht getrokken door de professor. 

Het geluid van de twee vrouwen stierf uit en nu was de gang behoorlijk leeg. Joselien staarde wat voor haar uit. Ze had voldoende ruimte om na te denken, maar ze besloot een brochure van het koffietafeltje naast haar op te pakken. Ze las de zinnen zonder iets te onthouden. 

Na een poosje ging de deur van het kantoor open. Een student liep verbouwereerd de gang op. Dat was Josalien’s clue dat de professor nu vrij was. Ze klopte demonstratief op de half openstaande deur. De professor stopte met het lezen van het document in zijn handen en keek kritisch over zijn halve-maans-brilletje naar Josalien. ‘Ah, ja, juist, kom binnen Josalien. Ik heb je opdracht hier klaar liggen. “Gesprekken uit de gang van hier tegenover; een ultrakorte raamvertelling uit de 21ste eeuw”, erg leuk gedaan Joselien.’

‘Kijk eens aan,’ reageerde Josalien, ‘hartstikke bedankt.’

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Translate »